| Het afstellen van de kleppen | |
|
|
|
|
Waarom
is klepspeling eigenlijk nodig? Het
antwoord op die vraag zit in de constructie van de kleppen. De kleppen van
een viertaktmotor bestaan uit een ronde schijf, de klepschotel, met een
steel eraan, de klepsteel. De klepschotel dicht het gat van de in- en
uitlaatpoort af, de steel steekt door een buis in de cilinderkop, de
klepgeleider, en wordt aan de andere kant van de cilinderkop door een
veer aangetrokken, U raad het al, de klepveer. Om de klep te openen wordt
de klepsteel tegen de veerkracht ingedrukt. Bij sommige (moderne)
constructies gebeurt Bij
andere constructies zit de nokkenas verder weg en wordt gebruik gemaakt
van een overbrenging met tuimelaars. In sommige gevallen ligt de nokkenas
nog verder weg, wat bij onze boxermotortjes het geval is. In dat geval is
er een constructie nodig die de bewegingen van de nokkenas overbrengt naar
de klep. Het overbrengen van deze beweging gebeurt door middel van een
nokvolger waarin een stoterstang staat, die op zijn beurt weer de
tuimelaar bedient die de klep opent. Alleen
al het feit dat er verschillende onderdelen tussen zitten, die elk met hun
eigen fabriekstoleranties zijn gemaakt en die alle aan slijtage onderhevig
zijn, geeft al aan dat er een mogelijkheid moet zijn het systeem af te
stellen, willen alle kleppen op het juiste moment open en dicht gaan. Maar
je zou zeggen, waarom stel je het systeem dan niet speling vrij af. Dat
heeft twee oorzaken. Ten eerste verschillen de materialen van klep en
cilinderkop en van de onderdelen van het klepbedieningsmechanisme. Ze
hebben dus ook elk hun eigen uitzettingscoëfficiënt en zetten bij het
opwarmen van de motor in verschillende maten uit. Om er zeker van te zijn
dat de kleppen de poorten in alle omstandigheden goed afsluiten moet er
dus een bepaalde marge in acht worden genomen. Je zou anders het risico
lopen, dat een klep bij een koude motor wel afdicht en bij een warme motor
niet meer. De tweede reden voor de aanwezigheid van spelling is dat er
marge moet zijn voor slijtage van onderdelen. Als er een klepstelinterval
van 10.000 km is, moet een fabrikant er zeker van zijn dat de kleppen na
die 10.000 km nog zo goed en zo lang sluiten, dat Foutieve
klepspeling In
principe zij er maar twee foutieve afstellingen mogelijk, en te krappe
klepspelling en een te ruime klepspelling. Een te krappe klepspelling is
van die twee het gevaarlijkst. Door een te krappe klepspelling wordt de
tijd dat de klep op de klepzitting rust kleiner. Die klep moet echter
gedurende een bepaalde tijd op de klepzitting rusten, wil de klep zijn
hitte kwijt raken. Door het kontact met de koele klepzitting kan de hitte
"wegstromen". Wordt de klep te heet, dan smelt hij plaatselijk
en komt er een gat in te zitten, waardoor hij niet meer goed afdicht, de
compressiedruk wegvalt en de desbetreffende
cilinder slecht gaat lopen. In het ergste geval raakt de klep de zitting
helemaal niet meer en valt de kompressie bijna geheel weg, een zeer slecht
presterende motor is het gevolg. Rijd men toch door met deze motor dan zal
de klep bijna geheel verbranden, met alle gevolgen van dien. Meestal komen
dit soort dingen voor bij de uitlaatklep. Langs de inlaatklep stroomt
namelijk vers en koel mengsel, maar bij een geopende uitlaatklep stroomt
er verbrand en gloeiend heet uitlaatgas langs. De directe reden dat deze
uitlaatklep meer risico loopt, is dus dat hij veel heter wordt. Er is
echter ook nog een indirecte reden. Doordat de uitlaatklep heter wordt
heeft de klepzitting van die klep meer te lijden. Als deze erg heet wordt,
verbrandt er elke keer een dun laagje van het raakvlak met de uitlaatklep.
Dit verbrande laagje slijt versneld weg. waardoor de klep hoger in de kop
komt te liggen en de klepspeling versneld afneemt. Door de kleinere
klepspeling rust de klep korter op de zitting, waardoor de klep nog het
wordt, enzovoorts. Hierin
schuilt ook de hele problematiek van gelode of ongelode benzine. Het
verbrandingsproduct van de tetramethyllood in de benzine is een goede
warmtegeleider. Als dit goedje zich afzet op de klep en de klepzitting
voorkomt het problemen met het verbranden van de klepzitting. Ga je op
loodvrije benzine rijden, of erger nog op gas, dan moeten de klepzittingen
beter in staat zijn de hitte te transporteren. Daarvoor worden er vaak
nikkel en chroom in het materiaal van de klepzittingen toegepast. Er wordt
in de regel over "geharde klepzittingen" gesproken, maar de
werking van deze zetels zit hem niet in de hardheid die door nikkel en
chroom ontstaat, maar in de betere warmtegeleiding. Te
ruime klepspeling De
tweede fout in de klepafstelling is een te ruime klepspeling. Hoewel dit
te prefereren is boven een te krappe klepspeling kan ik door een te ruime
speling schade ontstaan, voornamelijk aan het klepbedieningsmechanisme en
de nokkenas. Als je bedenkt hoe een nokkenas er uitziet, kun je je dit
goed voorstellen. De as is rond, maar heeft een nok. Tussen de nok en de
ronding van de as heeft de as een zekere helling, de overgang tussen de
ronding en de helling is vloeiend. Volgt de nokvolger de nok vrij krap,
dan gaat hij met die vloeiende vorm mee. Het klepbedieningsmechanisme
wordt als het ware vloeiend van stilstand naar een bepaalde
openingssnelheid gebracht. Is de klepspelling echter te ruim, dan krijgt
de nokvolger pas weerstand als deze het overgangsgebied tussen hellenden
rond is gepasseerd. Het klepbedieningsmechanisme wordt dan niet vloeiend,
maar plotsklaps van stilstand naar de openingssnelheid gebracht. Het
spreekt voor zich dat zo'n klap meer schade aanricht dan een vloeiende
beweging. Een
bijkomend nadeel van een foutieve klepafstelling is dat de cilinder minder
gaat presteren. Voor het gaswisselingsproces van de cilinder is het
namelijk van belang dat de kleppen precies op tijd openen en sluiten. Die
tijd is afhankelijk van de nokvorm en de klepspeling en veranderd dus met
de afstelling van de klepspelling. Aks de vullingsgraad van een cilinder
door foutieve klepspeling verandert, verandert ook de effectiviteit van
het verbrandingsproces van die cilinder. Kleppen
stellen De
klepspeling die voor de 600 motor wordt opgegeven is opgegeven voor een
koude motor. De olie moet vervangen worden als de motor warm is, en de
verleiding is dan groot om meteen even de kleppen te stellen, maar wacht
hiermee totdat de motor goed is afgekoeld. Voor de handige onder ons, of
beter gezegd voor de routiniers is het mogelijk om de kleppen te stellen
zonder de spatborden te verwijderen, voor de mindere routiniers is het
handig als de spatborden verwijderd worden. Indien je de kleppen wilt
stellen is het makkelijk om meteen olie te verversen, maar het aftappen
van de olie is niet noodzakelijk. Na
het verwijderen van beide spatborden moeten de beide kleppendeksels
verwijderd worden. Bij het verwijderen van deze deksels moet je rekening
houden met wat olie die uit de deksel komt na losmaken, houd er iets onder
om het op te vangen. De kleppendeksel zitten met een rubberen pakking vast
aan de kop, waar meestal nog een vloeibare pakking tussen zit. Indien het
deksel niet direct los wil, dan even voorzichtig met een stuk hout het
deksel rondom lostikken, let op dat het deksel niet deukt, want dan We
beginnen met de twee voorste kleppen, de uitlaatkleppen.
De kleppen, een orgaan in het hart van je auto. Doe
er zuinig en secuur mee en je zult er lang van genieten. Willem van Noorden |
|
|
|
|
| Laatste update: maandag 12 februari 2007 | |
|
|
|