|
(Noot van de Redactie) In deze
artikelenreeks kunnen de leden hun Dyane(s) en zichzelf presenteren. We
hopen dat vele leden zich hiervoor willen aanmelden. Je kunt contact
opnemen met Quinten Niessen, 020-6256719, dyane6.1979@yahoo.com
.
Hallo
mede-clubleden!
Bij deze zal
ik, Michiel, mij ook eens voorstellen en ‘mijn Dyane in 12 vragen’
presenteren.
Op het nieuwe
Dyanevereniging-forum had ik al eens wat plaatjes laten zien van mijn
rood-wit-blauw vlag aan Dyane’s. Die Franse driekleur ontstond bij
toeval…
1. Mijn eerste Dyane was….
Een fel rood exemplaar, waarvan het kenteken bij de RDW uit het bestand
verdwenen was. Het idee was om deze te laten herkeuren en hem dan weer te
gaan gebruiken. Dat was in 2003. De auto zag er van buiten echt goed uit,
maar de bodem was een lappendeken met opgelaste plaatjes en bij de
voorkeuring bleek dat er zelfs een plaat karton tegen de bodem was gekit!
Als leek (ik had ook nog niet de rijbewijsbevoegde leeftijd op dat moment)
en met de hoge kosten erbij heb ik besloten de auto te verkopen. Deze
verhuisde naar het noorden, waar een liefhebber hem daar zou gaan
opknappen. Een paar maanden later kwam ik er achter dat de auto een
Zutphense plantenbak was geworden (voor de niet ingewijden: een kitcar).
De koets en ook enig plaatwerk werd kapot gezaagd en gewoon bij het oud
ijzer gezet – 3 deuren en een dak was alles dat over was van mijn 1e
Dyane. Vanaf dat moment ben ik een nog sterker gevoel gaan krijgen dat de
Dyane als auto nog vele jaren op de weg te zien moest blijven en ontstond
ook mijn weerstand tegen die plantenbakken waar te goede auto’s –
2cv’s en Dyane’s - voor
worden opgeofferd.
2. Ik
heb…
Vanaf 2003 3 Dyane’s gehad. De rode, zoals ik hierboven al vertelde, en
vanaf januari 2004 een witte, in Blanc Meije. Deze auto, een origineel
Nederlands exemplaar uit 1971, met kenteken 19-86-RU, kwam uit Hoofddorp
alwaar zij door de vorige eigenaar geheel was opgeknapt. Nieuwe
bodemplaten, nieuw voorruitframe, eigenlijk een prima auto. De auto, een
échte Dyane 4 luxe, verhuisde naar Zeist waar zij tot juli leuke
rondritjes in de omgeving heeft mogen maken. De APK gooide echter al
meteen roet in het eten. Een te groot remverschil en een gaatje in een
niet dragend deel van het chassis. Nog steeds als leek bleken de kosten
die voor de reparatie berekend waren zo hoog te zijn dat er werd besloten
de auto voor een bijna perfect Frans exemplaar in te ruilen. Anno 2009 zou
ik daar wel anders over gedacht hebben, maar dat terzijde. Deze witte
Dyane is me altijd blijven achtervolgen. Toen ik in februari 2005 de auto
op een sloop-veldje tegen kwam, heb ik samen met een vriend en
collega-Dyanist besloten de auto terug te kopen en op te knappen en dan
weer over te doen aan een liefhebber. Zo gezegd zo gedaan. De auto is toen
verhuisd van Gelderland naar Zuid-Holland, van Zuid-Holland naar Twente,
van Twente naar Friesland, en van Friesland weer terug naar Zuid-Holland.
De auto bleek ogenschijnlijk goed en werd weer goedgekeurd tot 18-04-2010.
Tot mijn grote schrik werd ik op 19 oktober van dit jaar erop gewezen dat
er een witte Dyane uit 1971 voor onderdelen op Marktplaats.nl werd
aangeboden. Ja hoor, mijn auto! De laatste eigenaar was kennelijk niet een
van de meest snuggere mensen en heeft de auto voor de SLOOPPREMIE naar de
sloop gebracht. Deze auto zal dus nóóit meer op de weg komen, aldus de
sloper, en dat terwijl de auto nog stééds in een heel redelijke staat
verkeerde….
(Noot van webmaster: Klik
hier voor de link naar het forum waar dit onderwerp bespoken is in . Wie
redt deze Dyane van de slooppremie)
Gelukkig heb ik mijn Bleu
Myosotis Dyane 6 uit 1977 nog, en die gaat voor geen goud weg. Dit
exemplaar is, zoals ik al eerder zei, een Frans exemplaar, en komt
oorspronkelijk uit de Dordogne, alwaar zij 2 eigenaren heeft gehad. De
auto onderhoud ik grotendeels zelf, alleen voor de grotere zaken wordt de
garage ingeschakeld. De afgelopen 3 jaar ben ik ermee door Frankrijk heen
gereden in de zomervakantie, en dat is me tot op heden zeer goed bevallen.
De auto doet het altijd en loopt vrij zuinig (1:19 is goed haalbaar). De
enige grote reparatie die ik er tot nu toe aan heb gehad is het vervangen
van de versnellingsbak, in 2005. Voor de rest niet meer dan normaal
onderhoud. De auto rijdt maximaal 5000 kilometer per jaar en staat ’s
winters lekker droog binnen in een winterstalling. Rond maart komt ze er
dan weer uit en dan kan het grote plezier weer beginnen.
Nu, voordat
het verhaal véél te lang wordt weer terug naar de vragen.
3. De
liefde voor de Dyane is ontstaan ….
Door hef feit dat de eerste auto van mijn ouders een rode Dyane 4
was uit 1974 (64-AU-46, bekend bij iemand?)
4. Ik heb alleen moeite met…
Het
roestmonster! Als ik die ergens ontdek moet het meteen grondig weggewerkt
worden. Het resultaat is dan ook dat de auto, die in Frankrijk al eens
opnieuw gespoten is, nu deels aan zijn 3e laklaag is begonnen.
5. Ik
ben een handige sleutelaar...
Zoals ik al zei doe ik het meeste werk zelf,
maar echt grote dingen, zoals de versnellingsbak, en volgend jaar de
remschijven, laat ik graag aan iemand over met ervaring. Dan leer ik er
ook meteen weer van. Het sleutelen doe ik verder gewoon, ouderwets op
straat. Gelukkig vindt de buurt dat géén probleem.
6. Naast
mijn Dyane rijd ik …..
Er
wordt wel gesuggereerd dat er een Citroën Microbe bestaat – nu dat kan
wel kloppen. Naast de Dyane heb ik ook nog een origineel Nederlandse Citroën
LNA. Deze mag wel een beetje een unicum genoemd worden, omdat het én de
jongste LNA van Nederland is (19-04-1984) én de enige in Nederland met
alle opties die leverbaar waren in 1984 (elektrische ramen, getint glas,
lichtmetalen velgen, hoofdsteunen én een klokje). Ook deze wordt nu
gekoesterd.
Nu
heb ik ook een ander autovirus dat neerslaat op zelfbouw Dwergauto’s.
Daar heb ik er namelijk ook nog twee van. (en waar láát ik ze allemaal!)
7. Als
ik geen Dyane meer kan rijden wil ik graag een ….
Dyane
met Chauffeur
8. Mijn
mooiste herinnering met mijn Dyane…
Op
de achterbank gaan zitten van mijn rode Dyane, de deur dicht trekken en
tot de conclusie komen dat er geen deurhendeltjes aan de binnenkant
zitten. Hoe kom je dán weer naar buiten?
9. Met
mijn Dyane zou ik altijd nog eens…
Naar
Noord-Spanje willen rijden.
10. Mijn
familie, vrienden en kennissen vinden mij en mijn Dyane ….
Praktisch ‘normaal’ denk ik. Een vriend
zei laatst wel: “Als je met Michiel mee rijdt kun je altijd een
uitzonderlijk vervoermiddel aantreffen” – en ja, dat klopt absoluut!
11. Het
mooiste aan mijn Dyane
Is het interieur. Het is nog helemaal
origineel en verkeert in een best wel goede staat. Zeker voor de Jersey
stof die zo gevoelig is voor uv-straling. Ook het dashboard is een
favoriet: bruin, met drie knoppen en een groot bruin éénspakig stuurwiel
dat nog als nieuw is! In de zomervakantie gaat het stuur eruit, zodat het
niet door zout en warmte smelt, zoals je dat vaak ziet bij dat type stuur.
12. Verder
wil ik kwijt
Dat
iedereen zijn of haar Dyane moet koesteren, en vooral niet naar de sloop
moet brengen voor die 750 euro die je er met de slooppremie voor zou terug
krijgen. Alles is reparabel, ’t is maar net hoeveel inzet (en geld en
tijd) je erin wil steken. Jij niet? Misschien een ander wel
Michiel van
Ginkel, Zeist
|